Blog over Schrijven


Begin een blog met een blunder

Mijn uitgever zegt altijd: “wie schrijft wil gelezen worden“. Los van allerlei motieven als erkenning, kennisdeling of promotie, is dit uiteindelijk de reden dat auteurs naar een uitgever stappen (en bloggers veel op internet publiceren). Dus toen mijn uitgever mij vroeg voor hem te gaan bloggen, stelde ik mezelf als doel bovenin de google zoekresultaten te eindigen. Ik las over SEO (Search Engine Optimization), analyseerde 1000 trefwoorden op zoekvolume, las websites en blogs van concurrenten. Zwaar geworden door al deze indrukken, schreef ik mijn eerste blunders: je vind ze hierboven. Het zijn korte, niet veelzeggende blogjes die gelukkig door niemand gelezen zijn: dat kan ik zien in google analytics. (Overigens heb ik de tip om te beginnen met een blunder van Dennis Rijnvis, wat daardoor niet origineel is en dus een blunder in kwadraat).

De voorbeelden op deze blog betreffen fictie, maar gelden de lessen ook voor non fictie?

De lezer zij gewaarschuwd: schrijven is een zeer breed onderwerp. In algemene zin, voor zowel fictie als non-fictie, is daar toch zeker veel over te zeggen. Maar als je de diepte induikt, doemen de grote verschillen op tussen de verschillende genres, verschillen in het schrijven zelf, in het uitgeven en in het gelezen worden. Dit blog zoekt die diepte niet op…zoek je die verdieping wel, stop meteen met lezen!

Schrijven is schrijven, publiceren is marketing, lezen is het doel

Toen ik mijn eerste roman schreef, produceerde ik elke dag een aantal bladzijden die mijn vriendin na het eten doorlas…alsof ze een feuilleton las. Nog dezelfde avond kon ik verbeteringen doorvoeren: beter kun je het als auteur niet hebben. “Korte lijnen” heet dat in managementliteratuur. Drie maanden later was dan ook het manuscript klaar en enthousiast legde ik het resultaat voor aan een professioneel redacteur. En toen begon de ellende…ook wel te noemen de weg naar volwassen schrijverschap. Los van de vele spel- en stijlfouten, bleek goed schrijven onderhevig te zijn aan allerlei wetmatigheden stammend uit de wetenschap hoe mensen het lezen van verhalen beleven. Conflict, plot, dialogen, uitdieping en ontwikkeling van personages, spanningsbogen, metaforen…intuïtief voelen lezers heel goed aan of een boek goed of slecht is geschreven. Maar er was meer, en voor een uitgeverij even belangrijk: een boek moet verkocht worden. Opeens waren de titel, de voorkant, de achterflap, het genre, het onderwerp, de inhoudsopgave…maar ook het portfolio van de uitgever, mijn naamsbekendheid en mijn oeuvre, geen onschuldige voortvloeisels van het boek, maar primaire, keiharde criteria op basis waarvan een lezer mijn boek wel of niet zou oppakken in de boekhandel (of zoeken op het internet).

De concurrentie in de boekenwinkel: de mythe van één miljoen ‘Wannabee’ schrijvers

Sinds dagblad Trouw in 2007 een enquête liet houden onder 2.622 Nederlanders met de vraag of ze schreven (en 214 Nederlanders daarop positief antwoordden), circuleert het getal van een miljoen auteurs in media en internet. Dankzij NRC checkt weten we nu dat de meeste van deze 214 Nederlanders schrijven als uitlaatklep, ontspanning of een manier om gedachten te ordenen zien. Twaalf respondenten wilden van schrijven hun beroep maken (dat zijn dan 60.000 potentiële auteurs).

De kooplust van de lezers: in 2017 werden in Nederland 41 miljoen boeken verkocht

De CPNB (Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek) top 100 van 2017 laat zien dat het aantal Nederlandse auteurs dat van de opbrengst van boeken kan leven, niet groot is. En daarom:

Meedoen is belangrijker dan winnen

Veel sporters beginnen na hun sportcarrière een loopbaan als trainer. Met een gouden medaille behaald op de Olympische Spelen zijn ze rolmodel voor de Nederlandse jeugd. Sommige sporters vinden hun weg naar het bedrijfsleven. Eén van hen hoorde ik laatst op de radio (haar naam ben ik helaas vergeten, maar ze speelde hockey). Ze was persoonlijk coach geworden. Op de stelling van de journalist dat slechts weinigen goud winnen of überhaupt opgenomen zullen worden in de Nederlandse selectie, gevolgd door de vraag van de journalist hoe ze dan haar cliënten verder hielp, antwoordde zij, dat iedereen in Nederland zijn of haar eigen niveau heeft, dat het niet uitmaakt op welk niveau iemand presteert maar dat vanuit het eigen niveau altijd stapjes vooruit te maken zijn. En dat geldt ook voor schrijvers.

De meetlat

Toch vragen sommige auteurs zich af, hoe goed ze nu eigenlijk schrijven. Het liefst zouden ze ingeschaald worden op een schaal van 1 tot 100. Bijkomend probleem is dat mensen (de meelezers) vaak alleen de kwalitatief hoge schrijf prestaties kennen, namelijk de boeken die het gehaald hebben en gepubliceerd zijn (score 90 of meer). Dus er is goed en de rest. Maak je geen illusies: de uiteindelijke meetlat ben jijzelf. De uitgever zal alleen bij interesse terugkoppeling geven over de kwaliteit van ingediende manuscripten.

De weg voorwaarts: over het bos en de bomen

Er zijn tientallen boeken geschreven over schrijven, zowel over het schrijven van literatuur als over zakelijk schrijven. Daarnaast zijn er nog eens honderden websites, blogs en YouTube filmpjes van schrijvers, redacteurs, uitgevers en collectieven over alle aspecten van het schrijvers vak. En wie niet zelf wil leren (autodidact) kan zich inschrijven voor talloze cursussen, workshops, ontmoetingen, lezingen en zelfs schrijfvakanties. Voordat je een letter aan het papier hebt toevertrouwd, kun je je intuïtie begraven onder stapels do’s en don’ts. De hier gekozen metafoor geeft al aan dat je dit niet moet doen of toelaten. De realiteit leert echter wel dat bij de meeste beginnende auteurs de intuïties met betrekking tot het creatief schrijven, niet op orde zijn. Mijn eerste zin van mijn eerste roman luidde in de eerste versies:”Badend in het zweet werd hij wakker uit een nachtmerrie.” Dit zijn vier clichés in één zin: kun je ze benoemen? Naast clichés vormt een vaag conflict, of bij zakelijke stukken een onduidelijke vraagstelling, een slechte start van een verhaal. Als de start slecht is, dan lijdt het middenstuk (plot of detaillering) daar meteen onder en dient men met huiver de ontknoping of conclusies te vrezen!

Wijze raad is duur

Het leven is lijden” leert ons Gautama Boeddha sinds de 5e eeuw voor Christus en het pad naar Verlichting is “onthechting“. Voor auteurs geldt: “Schrijven is lijden” en het pad naar Verlichting is “loslaten“. Maak je geen illusies: schrijven is een eenzaam beroep en alle sprongen voorwaarts maak je in de stilte van je werkkamer. Daarbij zijn ook nog eens alle verhoudingen zoek: die ene alinea kostte jou vier uur om hem goed op papier te krijgen. Je lezer/redacteur leest hem in een minuut en zegt dan meteen dat de zinnen “niet lekker lopen“. De meesten van ons hebben een “innerlijke redacteur” die gevormd is door alles wat we hebben gelezen. Als we schrijven, hebben we “iemand voor ogen”, die leest. Het produceren van teksten vindt echter plaats in een ander deel van het brein. Opgaan in de eigen tekst kan zo intens zijn, dat de neurale verbindingen met het lezersgedeelte van het brein op slot gaan. “Loslaten” betekent voor een auteur zijn of haar kinderen kunnen beschouwen als verre oom of tante uit Australië of dichterbij als schooldocent of desnoods als de Raad voor Kinderbescherming.

Schrijven, schrijven en nog eens schrijven

De beste manier om te leren schrijven is door vooral veel te schrijven. Mocht je inspiratie missen om verhalen te blijven schrijven of mocht je bron aan nieuwe zakelijke inzichten opdrogen, schrijf dan elke dag in een dagboek. Zoals er oneindig veel popliedjes gecomponeerd kunnen worden uit drie octaven, zo biedt ook jouw dagelijks leven oneindig veel verhalen en anekdotes om opgeschreven te worden.

Zakelijk schrijven en het gat in de markt

Als je een non-fictie boek wilt schrijven, is het van het grootste belang dat je nagaat wat er al geschreven is over het onderwerp dat je bij de horens wilt vatten. Waarom is dit? Dat is omdat een nieuw boek iets moet toevoegen, anders kopen lezers gewoon het reeds bestaande boek. Als auteur moet je op zoek naar het spreekwoordelijke “gat in de markt” oftewel de niche waarin jij nieuws te melden hebt. Overigens geldt dit ook voor literaire auteurs alleen is daar de markt minder transparant dan de zakelijke markt. Nu is “nieuws” een rekbaar begrip: kijk naar de journalisten wiens vak het is om “nieuws” te maken of te verslaan. Nieuws kan nieuw zijn, het kan iets ouds zijn geplaatst in een ander perspectief, het kan een breuk met het verleden zijn (de politicus zei vorig jaar “x” en nu “y”) , het kan verdiepend zijn (achtergronden met meer details), het kan een ander doel dienen (Zondag met Lubach), het kan een andere doelgroep dienen (Jeugdjournaal)…en ga zo maar even door.  Toen ik geschiedenis studeerde werd aan de masterscriptie als eis gesteld dat het onderzoek nieuw moest zijn en dat impliceerde verregaand speurwerk voorbij het literatuuronderzoek van de bachelorscriptie.

De soep wordt echter niet zo heet gegeten als opgediend, dat blijkt wel uit de boeken die elk jaar worden uitgegeven. Doublures genoeg, zeker als je daar de uitgaven van de laatste tien jaar in meeneemt.

Managementboek of geschiedenisboek

Waar gaat dit blog naartoe?

Dit blog wordt elke week iets langer…een feuilleton blog 😉

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*